Zelf een alarmsysteem plaatsen
Als privépersoon mag je een alarmsysteem in je eigen woning zelf plaatsen, op voorwaarde dat je het voor eigen rekening doet en niet voor iemand anders. Veel draadloze systemen zijn daarvoor ontworpen. Bij een bedraad systeem komt er meer werk bij kijken: schat dan eerst eerlijk in wat je zelf aankan.
Wat kan je meestal zelf?
- De centrale en het bedieningspaneel opstellen en aansluiten op het stopcontact.
- Deur- en raamcontacten plaatsen op de plekken die je vooraf hebt gekozen.
- Bewegingsdetectoren ophangen op de juiste hoogte en in de juiste richting.
- Een binnensirene en eventueel een buitensirene bevestigen.
- Het systeem testen en de codes of de app instellen.
Wat laat je beter aan een vakman over?
- Bekabeling in muren, plafonds of buiten het huis.
- Aansluitingen op het elektriciteitsnet buiten een gewoon stopcontact.
- Koppeling met een alarmcentrale die meldingen opvolgt.
- Alles wat je niet kan terugdraaien zonder schade aan het pleisterwerk of de gevel.
Waarom zelf plaatsen aantrekkelijk is
Een zelf geplaatst systeem laat je je eigen tempo bepalen, en je leert het systeem door en door kennen. Je beslist zelf wat er waar komt en hoeveel detectoren je nodig vindt.
Waar loop je tegenaan?
Het grootste risico is een systeem dat er goed uitziet maar gaten laat: een raam dat niet gedekt is, een detector die door huisdieren telkens afgaat, of een sirene die niemand hoort. Neem daarom de tijd voor het plan. In de zelfbouwgids staan de stappen in volgorde, en in het artikel over zelf plaatsen vind je de aandachtspunten per ruimte.
Eerst advies vragen?
Veel gemeenten en politiezones bieden een gratis veiligheidsadvies aan huis aan, door een technopreventief adviseur (ook diefstalpreventieadviseur genoemd). Vraag bij je gemeente of politiezone na of dat in jouw regio kan. Die adviseur kijkt naar je woning, niet naar een product, en dat bespaart je veel zoekwerk.